Windscheppen op Ameland - hardcover

Op Ameland zijn in de loop van de tijd ongeveer tien molens geweest; niet allemaal op hetzelfde moment of op tien verschillende plaatsen, maar wel verspreid over de twee delen van het eiland, bij de dorpen Ballum en Hollum en bij de dorpen Nes en Buren. Zo kende de huidige korenmolen De Phenix in Nes ( zoals z’n naam al doet vermoeden ) twee voorgangers en staat koren- en mosterdmolen De Verwachting van Hollum op precies dezelfde plek waar in de vorige eeuw reeds zijn voorganger stond. De molens bij Ballum en Buren zijn echter verdwenen. In dit boek doen de auteurs uit de doeken hoe dat allemaal gegaan is.

Douwe de Boer was directeur Gemeentewerken op Ameland. In 1988 was hij één van de initiatiefnemers voor de herbouw van korenmolen De Verwachting. Hij bekleedt verschillende bestuursfuncties, o.a. in de stichting Ouwe Pôlle en de vereniging Vrienden van de Amelander Korenmolens, en publiceert regelmatig over de historie van het eiland Ameland.

Warner B. Banga was van de oprichting in 1993 tot en met 2005 bestuurslid van de stichting Monumentenbehoud Dongeradeelen als zodanig betrokken bij de PR en educatieve uitgaven van deze stichting. In 2010 schreef hij het boek 'Jim mutte komme: ut waait!' over molens en molenaars in de gemeente Dongeradeel. Verder houdt hij een molenarchief bij en weet hij bijna alles over (verdwenen) molens in Noordoost-Friesland. Hij is de auteur van het in 2014 verschenen boek ‘Windlust, Burum’. In 2007 slaagde hij bij het Gild Fryske Mounders en sindsdien is hij vrijwillig-molenaar op de Dokkumer stadsmolens, waar u hem regelmatig kunt aantreffen als het waait.

Uit het juryrapport van de I.J. de Kramerprijs 2017:

Het fraai uitgegeven boekje Windscheppen op Ameland van de hand van Douwe de Boer en Warner Banga verhaalt de geschiedenis van de 10 molens die op zeven molenplaatsen hebben gestaan op het eiland Ameland.
Daar het hier over de molens op het eiland Ameland gaat, is het mogelijk een goed overzicht te krijgen van de molens en hun molenaars op dit beperkte grondgebied. Gelukkig wordt dit niet in het enge kader van de molens geplaatst, maar wordt ook aandacht geschonken aan de bestuurlijke context. Vanzelfsprekend wordt hierbij eveneens gekeken naar belastingen en dergelijke.
De molens worden ieder apart besproken, beginnend bij de molen van Ballum. Dit is een logische keuze daar deze plaats van oudsher het bestuurlijke hart van Ameland vormde. De eerste vermelding van de molen is in een octrooi van 1596, en daaruit blijkt dat de molen op dat moment al bestond. De molenaar kreeg het alleenrecht tot het malen van meel voor het hele eiland en het spreekt vanzelf dat dit tot de nodige conflicten heeft geleid.
Dit alleenrecht duurde maar kort want al in 1629 kreeg Watze Jacobs octrooi een molen te gebruiken in Nes. Wanneer die molen werd gebouwd is echter niet met zekerheid te zeggen. Zo worden alle molens beschreven met hun molenaars. Daarbij is het hele verhaal gelardeerd met vele ter zake doende illustraties.
De auteurs zijn diep de archieven ingedoken om de vele feiten en feitjes over de tien molens van het eiland op te diepen. Dit doen zij op een plezierig leesbare manier zodat het vlot leesbaar is geworden.

Conclusie
Het boek over de molens op Ameland is een vlot geschreven boek dat ook door lay-out en illustraties het gemiddelde boek over regionale molenboeken overschrijdt.


 

Prijs per stuk: € 22,50
Aantal: